Wetenswaardigheden 2
|
Wees wijs met uw hond bij warm weer
Warmte = gevaar Een mooie zomer? Heerlijk voor mens en dier. Hoewel.... voor uw hond kan de warmte gevaar met zich meebrengen en soms zelfs de dood tot gevolg hebben.
Honden transpireren niet De hond kan niet transpireren zoals de mens (zie ook "hijgen"). Hij heeft vrijwel geen zweetklieren. Warmte kan hij slechts afvoeren via zijn tong (hijgen) en via zijn voetzolen. Hij is dus niet gediend van al te hoge temperaturen. Teveel zon (voor dier én mens slecht) kan een zonnesteek veroorzaken, te grote hitte kan tot een coma of zelfs tot de dood leiden (zie ook "zonnesteek").
Honden dragen geen schoenen Menig onwetende hondenliefhebber denkt bij warm of zonnig weer zichzelf en zijn hond een plezier te doen door eens lekker te gaan fietsen (zie ook "Fietsen met uw hond") en de viervoeter naast de fiets te laten draven. Niet alleen kan dit snel leiden tot een onverantwoorde stijging van de lichaamstemperatuur van de hond, maar het warme asfalt, steen of beton is ook nog op een andere manier funest. Hierboven las u al dat de hond behalve via zijn tong alleen via zijn voetzolen warmte kan afvoeren. Deze zijn bij warm weer dan ook altijd vochtig. Als u hem nu hiermee over een warm wegdek laat lopen, dan ontstaat heel snel een forse blaarvorming, die zeer pijnlijk is en die dagenlang kan aanhouden. Als u de hond over een grotere afstand wilt laten lopen, doe dat dan in een niet te hoog tempo, en zeker niet over een warm wegdek, maar over gras (waarbij het vanzelf spreekt dat de hond op langere afstanden getraind moet zijn). Is dat niet mogelijk, laat de hond dan thuis, lekker op een koele plaats!
De auto als broeikas Het achterlaten van een hond in een auto bij warm of zonnig weer, kan rampzalige gevolgen hebben. Zelfs als de auto in de schaduw staat en de ramen enigszins geopend zijn, wordt het binnen al gauw ondraaglijk warm en benauwd. Bedenk ook dat de zon draait: een auto in de schaduw geparkeerd kan spoedig in de volle zon staan! Staat de auto in de volle zon, dan is het helemaal snel gebeurd: de temperatuur kan dan gemakkelijk oplopen tot 50 à 60 graden Celsius. Uw hond zit dan levend opgesloten in een oven. Hijgen zal onvoldoende zijn om af te koelen en al snel zal zijn lichaamstemperatuur stijgen tot een gevaarlijke hoogte. Hij zal uiteindelijk buiten bewustzijn raken. Als tijdig wordt ingegrepen kan hij het overleven, hoewel het gevaar dan bestaat dat hij schade aan hersenen of nieren heeft opgelopen. Overigens kan het ook buiten het zomerseizoen aardig warm worden in een auto die in de zon staat. Dit zal niet direct leiden tot levensbedreigende situaties, maar kan wel zeer onaangenaam en schadelijk voor uw hond zijn. Zo is het ook in het (vroege) voorjaar oppassen geblazen!
Alarm Indien u met warm weer een auto aantreft, waarin een hond duidelijk voor langere tijd is achtergelaten, kom dan in actie. Probeer de eigenaar op te sporen of grijp zelf in, als de situatie kritiek is. Desnoods slaat u een ruitje stuk om de hond te kunnen bevrijden. Als hulp te laat komt, zal de hond het niet overleven.
Wat zijn de verschijnselen van een hitteshock?
Oververhitting kan leiden tot uiteenlopende mate van uitdroging, hetgeen zelfs tot shock kan leiden. Andere complicaties kunnen hersenoedeem (zwelling van hersenen) of het niet functioneren van het hersenaanhangsel zijn (hier wordt de lichaamstemperatuur normaal geregeld). Als je van een oververhitte hond bloed zou onderzoeken, zou je afwijkende waardes van lever, nieren, elektrolyten en de verschillende typen bloedcellen vinden.
Eerste hulp Wanneer u een hond aantreft die ten gevolge van hitte versuft of bewusteloos is, moet u hem zo snel mogelijk zien af te koelen.
Sommige honden hebben meer last Honden met een korte of 'ingedeukte' neus zijn veel gevoeliger voor bevangenheid door hitte, omdat ze vaak anatomische belemmeringen in hun neus en keel hebben, die verhinderen dat de lucht bij ademen vlot in en uit kan stromen. Een hond die oververhit is geraakt, probeert zijn extra warmte toch kwijt te raken door heviger te gaan hijgen. Door de hoge omgevingstemperatuur raakt hij hierdoor echter nauwelijks warmte kwijt. Bovendien is dit een oppervlakkige ademhaling en daardoor minder effectief. Er vindt heel weinig gasuitwisseling plaats in de diepere longgebieden, waar zich de longblaasjes bevinden. Door het hijgen ontstaat er nog een ander probleem: de keel raakt geïrriteerd en gezwollen, waardoor de luchtpassage nog eens extra bemoeilijkt wordt. De hond gaat nog geforceerder ademen, nog meer zwelling, nog meer irritatie etc. Een vicieuze cirkel waarin de ademhaling en daardoor de zuurstofvoorziening steeds meer tekort schiet. En extra zuurstof is juist erg hard nodig, omdat door de opgelopen lichaamstemperatuur de verbranding van substraten en het verbruik van zuurstof in de weefsels veel hoger is.
Tips bij warm of zonnig weer
Wees wijs met uw hond bij warm weer!
|

|
Waarom hijgen honden zoveel?
Mensen hijgen als ze hard hebben gelopen om bijvoorbeeld een bus te halen, maar geen mens hijgt zoveel als een hond. Een hond kan zelfs gaan hijgen, terwijl hij rustig ligt. Als hij te warm wordt, doet hij gewoon zijn bek wijd open, laat zijn tong naar buiten floepen en dan begint het snelle zware gehijg, dat we allemaal zo goed kennen. Onder het hijgen bevochtigt hij herhaaldelijk zijn tong om het verdampingsproces, dat voor de afkoeling moet zorgen, te bevorderen. Honden die het erg warm hebben zullen meer dan normaal drinken om genoeg vocht bij zich te hebben om de tong nat te kunnen houden. Menige hond zou aan een hartaanval zijn gestorven, als hij die mogelijkheid niet had gehad. Waarom hebben honden zo'n krachtig hijgmechanisme om hun lichaamstemperatuur op peil te houden? Dit houdt verband met de anatomie van de huid. In tegenstelling tot de mens heeft de hond alleen behoorlijke zweetklieren in zijn voetzolen. Wij kunnen snel de warmte kwijtraken door over ons hele lichaam te zweten, maar dat kan de hond niet. Merkwaardig genoeg hebben de drie diersoorten die ons als gezelschap het naast staan, het paard, de kat en de hond, elk een andere methode ontwikkeld om koel te blijven. Paarden zweten overvloedig, net als wij. Katten gaan hevig hun vacht belikken, wanneer ze het warm hebben, waarbij ze speeksel als verdampingsvocht over zichzelf uitspreiden. De honden hijgen. Dat het bij honden hijgen is geworden, hangt zonder twijfel samen met de zeer zware vacht, die hun voorouders hebben gehad. In de tijd dat de oerhond zich ontwikkelde, was het blijkbaar belangrijker in koud weer warm te blijven dan koel in warm weer. Met een dikke vacht konden de zweetklieren niet veel doen aan de temperatuurregeling en ze hadden weinig nut meer. Tegenwoordig, nu veel rassen dunnere vachten hebben, zouden hun bezitters op warme dagen wel gebaad zijn met goed werkende zweetklieren, maar de evolutie daarvan is niet hand in hand gegaan met de genetische veranderingen in vachttypen. Zelfs haarloze rassen, zoals de Mexicaanse Naakthond, voor wie zweten zeker functioneel zou kunnen zijn, hebben een opvallende droge huid, zelfs onder zeer hete omstandigheden. Er is wel eens beweerd, dat de lichaamstemperatuur van deze honden 104 graden Fahrenheit zou zijn (in plaats van normaal 101-102 graden Fahrenheit), maar dit kon bij een recente meting niet worden bevestigd. Ze blijken dezelfde temperatuur te hebben als andere honden, maar hun huid voelt veel warmer aan door de naaktheid van de huid. Er wordt gezegd dat dit ras destijds door de Mexicanen is ontwikkeld om in de koude nachten dienst te doen als levende kruik, en de combinatie van niet zweten en een lichaamstemperatuur die hoger is dan die van de mens zou hem ongetwijfeld ideaal maken voor die rol.
Zie ook tachypnoe. |

|
Deze acute, zeer besmettelijke ziekte wordt ook wel infectieuze tracheobronchitis genoemd. Kennelhoest (of kennelkuch) is een infectie aan de voorste luchtwegen van de hond. Het komt regelmatig voor; de besmetting vindt plaats bij contacten tussen honden zoals in kennels, pensions, in het asiel, op tentoonstellingen, maar ook gewoon buiten als u met uw hond gaat wandelen, dus eigenlijk alle plaatsen waar honden samenkomen leveren gevaar op voor uw hond. Kennelhoest begint met een irritatie van de keel door langdurig blaffen, janken en huilen. In kennels en dierenpensions jutten honden elkaar op tot blaffen, maar ook de solitair levende hond kan zijn keel schor schreeuwen. In de licht aangetaste slijmvliezen kunnen verschillende virussen (er zijn er zo'n tien bekend) binnendringen.
Er bestaan 2 vormen van kennelhoest: Bij de eerste heeft de hond een droge, harde hoest die erger wordt als hij zich inspant of opwindt. Ook kan de hond hoestaanvallen krijgen, die soms worden gevolgd door kokhalzen (bijv. bij lichte inspanning of een rukje aan de lijn). Deze verschijnselen houden 1 tot 3 weken aan. Een enkele keer kan hierbij een longontsteking optreden. Deze vorm van kennelhoest is seizoensgebonden en komt voornamelijk in de herfst voor. De tweede vorm gaat gepaard met een droge hoest, waarbij slijm wordt opgehoest en uitvloeiing uit de ogen en/of de neus voorkomt. Bij deze vorm kan een ernstige longontsteking de kop opsteken, die soms leidt tot de dood. Kennelhoest kan veroorzaakt worden door een virusinfectie (Canine Adenovirus 1, CAV-2, CPiV of Canine Parainfluenza-virus, Canine distemper virus) of door een bacteriële infectie (Bordetella bronchiseptica).
De behandeling van kennelhoest bestaat uit het toedienen van antibiotica en het vermijden van opwinding en inspanning. Ook het trekken aan de riem is uit den boze om druk op de hals te vermijden; een tuig(je) kan in zo'n geval goed van pas komen. Als de hond geen slijm ophoest, kan een hoestdrank verlichting bieden. U kunt daarvoor Natterman® bronchicum gebruiken. Dit bevat o.a. codeïne (fosfaat) en kruidentincturen. Codeïne heeft een hoestprikkeldempende werking, de kruidentinctuur een verzachtende. De hond kan preventief geënt worden tegen kennelhoest (zie hieronder; zit niet in de cocktailenting); bij veel hondenpensions is dat zelfs verplicht. Het verdient aanbeveling een geïnfecteerde hond apart te houden en er bijvoorbeeld niet mee naar het park, naar tentoonstellingen of naar de gehoorzaamheidscursus te gaan. De beste preventie is nog altijd: de hond z'n mond te laten houden, zodat geen geïrriteerd keelslijmvlies kan ontstaan.
Preventief enten Er zijn entingen via neusdruppels en via injectie beschikbaar. • De neusdruppelenting werkt het snelst en hiervan zijn er 2 mogelijkheden: a) Intrac is een neusspray, een vaccin, dat in de neus gedruppeld wordt. Het zorgt voor de vorming van antistoffen in neus en keel, de toegangspoort voor de infectie. De werkingsduur (immuniteitsduur) is ongeveer een half jaar. b) Nobivac KC. Deze 'nieuwe' neusenting (enkele druppels in één neusgat) biedt binnen drie dagen bescherming. Deze éénmalige neusenting is voldoende voor één jaar bescherming. Op de bijsluiter staat de volgende indicatie: actieve immunisatie van honden, vanaf de leeftijd van 3 weken, tegen Bordetella bronchiseptica en canine para-influenza virus voor periodes van verhoogd risico. • De Pneumodog wordt ingespoten en geeft bescherming door de vorming van antistoffen in het bloed. De eerste keer moet de inenting 2x worden gegeven met een tussentijd van een maand. Daarna is een jaarlijkse herhalingsenting voldoende. U kunt deze tegelijk met de cocktailenting laten geven.
De vlotste manier om uw hond afdoende te beschermen tegen kennelhoest bestaat erin de productie van lokale antilichamen ter hoogte van het slijmvlies van de luchtwegen te stimuleren. De neusenting stimuleert snel en krachtig deze lokale weerstand, zodat uw hond 'n paar dagen na de vaccinatie al effectief beschermd is tegen kennelhoest, daar waar het nodig is. Deze enting is vooral van belang als er in uw buurt veel honden ziek zijn. Wordt de prik gegeven, dan kan het voorkomen, dat uw hond naderhand op die plek een dikke bult (knobbel) heeft zitten, die enige tijd te zien blijft. Dit verdwijnt vanzelf. |

|
Je ziet tegenwoordig veel joggers en soms springt er naast zo iemand een hond mee, die er uitziet alsof er niets heerlijkers bestaat, dan de baas elke dag te vergezellen bij zijn holpartij. Steeds meer mensen nemen hun hond mee, veelal om gezelschap te hebben. Anderen wonen in een flat en vinden dit een goede manier om ook het dier aan zijn trekken te laten komen. Weer anderen nemen hun hond ter bescherming mee als zij er alleen op uit gaan. Om welke reden dan ook, uw hond kan een voortreffelijk metgezel zijn bij uw dagelijkse training. U moet wel de goedkeuring van de dierenarts hebben, vooral wanneer de hond ouder dan 6 jaar is, of als hij te dik is. De dierenarts zal hart, longen en gewrichten controleren. Als de hond te dik is, zal hij mogelijk aanraden hem op dieet te zetten en te laten vermageren voor hij mag mee-joggen.
Waarop u letten moet U moet enkele voorzorgen nemen om de gezondheid van uw hond te beschermen en te maken dat hij maximaal profiteert van zijn lichaamsbeweging. Veel richtlijnen zijn gelijk aan die voor uzelf als u begint met zo'n programma. Ook hij moet kalm aan beginnen, bijv. met een blokje om in stevige pas. Geleidelijk aan voert u snelheid en afstand op. Een kleine hond kan gemakkelijk 'opgevoerd' worden tot een kilometer of drie, een grote hond kan minstens zes of zeven kilometer rennen zonder problemen. Met een regelmatige, geleidelijk opgevoerde training kunnen honden vaak tot een veel grotere afstand komen en hun mogelijkheden schijnen slechts beperkt te worden door de uwe. Vergeet echter nooit dat een geleidelijk opvoeren en een vast schema van levensbelang zijn. Net als voor hardlopers geldt voor de hond, dat hij geen grote hoeveelheden voedsel tot zich mag nemen vóór de lichaamsbeweging. Hij mag ook geen grote porties eten of drinken direct erna! Als een hond vlak voor of na een grote inspanning eet, kan zijn maag een slag draaien en de in- en uitgang volledig afsluiten (zie het verhaal over "maagkanteling"). Honden hebben water nodig tijdens het joggen. Zij transpireren niet, hun manier om warmte kwijt te raken is hijgen. Om uw hond koel te houden moet hij elk half uur wat vers lauw water krijgen; niet koud, want dat kan maagkrampen geven. Ren zo mogelijk op gras of aarde, om beschadiging aan voetzooltjes en gewrichten te voorkomen. Vermijd heet beton en asfalt, die kunnen lelijke brandwonden en blaren geven. Loop niet op het heetst van de dag, om verbrande voetzolen en mogelijk zonnesteek te vermijden. De hond moet een halsband en een riem om hebben bij het joggen. Hij kan dan niet in de opwinding van het rennen op een gevaarlijke plaats terecht komen, bijv. bij een drukke kruising. Op veel plaatsen, vooral parken, mag je trouwens geen honden los laten lopen. Leer eventuele tekenen van kwetsuren en problemen herkennen en weet wat u er aan kunt doen. Voor de verbrande voetzooltjes kunt u vloeibaar hoefverband voor paarden gebruiken. Let op de eerste symptomen van een maagkanteling: kokhalzen, hijgen en een opgezette maag. Roep onmiddellijk de dierenarts te hulp. Let op of er geen tekenen van gewrichtsproblemen of beenbeschadigingen zijn. Denk aan de mogelijkheid van oogletsel. Daar honden dicht bij de grond zijn, kan er omhooggeschopt gruis in het gezicht waaien. Samen met uw hond joggen kan zeer de moeite waard zijn door de bescherming en gezelligheid die hij geeft. De lichaamsbeweging doet beiden goed, als u deze richtlijnen aanhoudt en uw dierenarts raadpleegt voor verdere vragen en problemen.
Zie ook canicross. |

© Copyright by Yvonne Soomers-Marell