Wetenswaardigheden 19
|
Hoewel de meeste honden graag met de baas mee in de auto rijden, zijn er ook vele die slechte en soms gevaarlijke passagiers zijn. Ze zijn in 2 groepen te verdelen: de opgewonden hond en de angstige hond. Uiteraard zijn er voor beide verschillende behandelingen nodig.
A. De opgewonden/hysterische hond Deze honden vertonen een heel gamma aan opgewonden gedrag: janken, onophoudelijk blaffen, op en neer lopen, opspringen, speekselen en hijgen. Ze luisteren gedurende dit gedragspatroon naar geen enkel commando, wat onder gewone omstandigheden wel lukt. Uiteraard is het opsluiten van een hond achter een hondenhek veilig voor de chauffeur en eventuele andere passagiers, maar de invloed van het hondengedrag op de concentratie van de chauffeur blijft bestaan.
De volgende punten zijn van belang bij het behandelen van de meeste probleemgevallen:
1. Visueel beïnvloede honden Veel honden raken opgewonden als zij ander verkeer, mensen en honden passeren of wanneer hun auto dingen passeert. Autobezitters doen er goed aan hun hond laag in de auto vast te zetten, zodat deze niet naar buiten kan kijken en de actieprikkels niet kan waarnemen.
2. De aandacht van de hond trekken Dit is moeilijk, omdat de hond opgewonden is en daarom niet goed luistert; zo dringt het commando niet door tot de opgewonden hond in de auto. Al het gecommandeer en de luide stem van de baas (chauffeur) interpreteert de hond niet anders dan dat de baas lekker meedoet met herrieschoppen en dat activeert hem alleen maar. Het gil-geluid van een 'dog-stop-alarm' is een bijzonder efficiënt geluid om de aandacht van de hond te trekken. Het gebruik of het dreigen met het gebruik ervan is vaak doelmatig om de hond te laten luisteren naar een commando 'zit' of 'af'. Vergeet dan niet dit opvolgen van een commando te belonen. Bij bepaalde rassen helpt ook het gebruik van een bloemenspuit om aandacht te trekken.
3. Gewenning van de hond Het ongewenste gedrag van de honden in auto's varieert met het soort gebruik van de auto. Het komt het meest voor wanneer de auto gebruikt wordt om de hond naar een wandelgebied te vervoeren. De auto wordt dan in verband gebracht met 'wandelen', maar de reis vertraagt dit 'wandelen'. De vertraging veroorzaakt de opwinding. 'Auto-opwinding' komt veel minder voor wanneer auto's gebruikt worden op onregelmatige wijze naar een verschillend aantal doeleinden. Soms om uit wandelen te gaan, dan weer naar de stad, waar de hond dan in de auto moet wachten. Rustige parkeergarages helpen de hond hieraan te wennen en zijn beter dan op een drukke parkeerplaats te gaan staan. Als de wijze van autogebruik voor de hond minder voorspelbaar wordt door steeds andere dingen met de hond in de auto te doen, vermindert zijn opwinding zeker. Laat hem alleen in de auto zitten, in de garage of voor uw huis. Gebruik een muilkorf als hij vernielt. Eerst de motor af, en later aan. Rij hele kleine stukjes op de parkeerplaats, heel langzaam. Bouw dit verder uit, maar alleen als de oefeningen ervoor perfect gaan.
B. Bange en zenuwachtige honden Bang zijn voor reizen met een auto of zelfs om een auto in te gaan, is te zien doordat de hond gaat hijgen, janken, verhoogde hartslag heeft en zelfs gaat overgeven. Dit ongewenste angstgedrag kan ontstaan door angst voor het motorgeluid, door een speciale reuk van het interieur, voor de beweging van de auto of zelfs door het snelle passeren van de buitenwereld door een rijdende auto.
De behandeling bestaat uit een vertraagd aanbieden van de angstprikkels:
1. Wen de hond aan het in de buurt van de auto zijn, later in de auto zelf zijn met de motor af. Geef hem in de auto te eten en doe wat basistraining zoals 'zit' en 'af'. Speel met de hond in de auto. Herhaal dit later met een draaiende motor, maar alleen als de vorige oefeningen perfect gaan.
2. Laat de hond helemaal alleen in de auto voor kortere perioden, die later verlengd worden. Beloon en prijs hem en speel met hem als hij eruit gehaald wordt en ga met hem wandelen. Herhaal dit met draaiende motor.
3. Als punt 2 goed gaat, rijd dan de auto een stukje vooruit, om te beginnen 1 meter. Vergroot later de afstand. Laat dit steeds volgen door de motor af te zetten, de hond te belonen en hem mee te nemen voor een korte wandeling. U moet er bij deze oefeningen voor opletten, dat u nooit doorgaat als de vorige oefening niet perfect verliep. Geduld is hierbij een vereiste! Raakt de hond in paniek, dan helemaal terug naar stap 1.
4. Voor korte beginperioden zou het te overwegen zijn om via uw dierenarts de hond een rustgevend medicijn te verstrekken. Er zijn hiervoor ook homeopathische middelen te verkrijgen.
Opmerkingen
• Het is vaak goed om de vorderingen van uw hond schriftelijk bij te houden. Dan kunt u de behandeling wat preciezer aanpassen aan de bereikte resultaten. Meestal lukt het wel om met geduld dergelijke honden tot redelijke passagiers te maken. Blijft u er toch problemen mee houden, schroom dan niet om hulp te vragen. • Denk er altijd aan om elke stap positief te eindigen door met uw hond te spelen, te wandelen etc. • Voor wagenziekte en middelen ertegen: klik hier. • U kunt overwegen om DAP Spray te gebruiken (zie hieronder).
D.A.P.® Spray
D.A.P.® bootst het effect na van het natuurlijk kalmerende feromoon, dat door de zogende moederhond wordt afgegeven om haar pups te kalmeren en gerust te stellen. Het werkt niet alleen bij pups, maar ook bij volwassen honden. Het is een diervriendelijke oplossing voor gedragsproblemen veroorzaakt door angst en stress. Het is niet alleen een natuurlijke oplossing, maar ook gebruiksvriendelijk, zonder bijwerkingen en kan gebruikt worden ongeacht de leeftijd of toestand van de hond. Eerst was er alleen de D.A.P.® verdamper, maar de nieuwe spray biedt nog meer mogelijkheden in de aanpak van problemen bij honden. De voordelen van het geruststellend feromoon kunnen zo ook worden gebruikt in situaties buitenshuis of wanneer de plug-in verdamper niet kan worden gebruikt. D.A.P.® heeft honden al in veel situaties kunnen helpen: angst voor vuurwerk en onweer, verlatingsangst, verdriet na verlies van een speelkameraad of stress door veranderingen in de omgeving (nieuw huis of baas, pension etc.). D.A.P.® Spray kan worden gebruikt om honden gerust te stellen in situaties waarin ze angstig of onzeker worden, zowel binnen als buitenshuis (bijv. in de auto: reisziekte). Het D.A.P.® feromoon stelt honden gerust en geeft ze een veilig en geborgen gevoel in stresssituaties. De hond voelt zich meer ontspannen en is minder bang voor de nieuwe omgeving. D.A.P.® Spray kan in de auto, bench of mand, op de ligplek en in kennels worden aangebracht, waardoor dit middel geschikt is om te worden gebruikt tijdens vakantiereizen. In huis kan de spray worden gebruikt als aanvulling op de verdamper, wanneer een meer lokale behandeling gewenst is, bijv. in de kennel, mand of bench. Hoe gebruikt u deze spray? D.A.P.® 8 tot 10 keer rechtstreeks in mand of auto sprayen (niet rechtstreeks op dieren!), 15 minuten vóór het verwachte effect en voordat de hond in de omgeving wordt gebracht (auto, draagmand, kennel, bench etc.). Het effect zal ongeveer 1 tot 2 uur aanhouden, maar elk dier reageert anders. Herhaal de behandeling na deze tijd of als u merkt dat de werking afneemt. Tijdens een lange autorit sprayt u niet alleen voor vertrek, maar ook kunt u tijdens een pauze, waarin u de hond zijn behoefte laat doen, dit moment gebruiken om opnieuw te sprayen.
D.A.P.® halsband
Na de DAP Verdamper en de DAP Spray is er sinds augustus '07 ook de DAP Halsband. DAP Halsband is buitengewoon geschikt voor de preventie en bestrijding van diverse vormen van stress en angst bij honden binnens- en buitenshuis. De fabrikant zegt: "Met name voor het wennen van pups aan hun nieuwe thuis en voor een soepel en probleemloos verloop van de socialisatiefase is DAP Halsband een uitkomst". Maar daar ben ik het niet helemaal mee eens: als u uw pup goed socialiseert, hebt u dit niet nodig. DAP Halsband bevat, net als de verdamper en de spray, een synthetische vorm van het Dog Appeasing Pheromone, een feromoon dat door de zogende moederhond wordt afgegeven om haar pups gerust te stellen. DAP Halsband werkt op een natuurlijke manier en heeft - in tegenstelling tot veel medicijnen - géén vervelende bijwerkingen. Het is veilig en zelfs geschikt voor pups, zwangere teven en honden die medicijnen gebruiken.
DAP Halsband wordt geleverd in twee presentaties: a) voor de pup en
de kleine hond en b) voor de middelgrote en grote hond. Des te warmer het is, des te beter werkt het. Als u uw hond laat zwemmen of u wast hem, wordt u aangeraden om de band af te doen. De halsband blijf ongeveer 4 weken werkzaam. |
|
Hoe show ik een hond?
Oefenen
Voordat u met showen gaat beginnen komt er een stukje training aan te pas. Als u van plan bent vaker uw hond te showen, is het aan te raden om met uw hond ringtraining te gaan volgen. Maar ook als u gewoon eenmalig eens mee wilt doen, is het toch handig om van tevoren een aantal dingen te oefenen. Het is namelijk zo jammer als de hond niet of niet goed beoordeeld kan worden, doordat u niet weet hoe het moet. De volgende dingen komen aan de orde: • Het staan: de hond moet een aantal minuten netjes kunnen blijven staan in showstand (dit is het zo mooi en natuurlijk mogelijk laten staan van uw hond en dit is per ras verschillend). Dus niet zitten, liggen of onrustig zijn. Het kost de nodige moeite en koekjes om dit aan te leren. • Het betasten: de keurmeester wil de hond kunnen betasten, m.a.w. uw hond moet dat op een rustige manier kunnen ondergaan en in stand blijven staan. Oefen dit betasten door vreemden van tevoren, want sommige honden vinden het anders te eng of worden er te wild van. Angstige of agressieve honden worden uit de ring verwijderd. Een hond die niet te betasten is, kan ook niet beoordeeld worden. Door de hond te bevoelen langs de nek, rug, romp en poten, krijgt de keurmeester een goede indruk van o.a. de 'bone' en hoekingen van de hond. • Het gebit: de keurmeester wil het gebit kunnen beoordelen, kijken wat voor soort gebit het is en of het compleet is. Soms doet hij het zelf en soms vraagt hij het u te laten zien. M.a.w. het is de bedoeling dat uw hond hieraan gewend is, zodat hij niet op eigen initiatief zijn gebit toont! • Het gangwerk. U loopt met de hond links van u. U moet uw hond laten draven, en niet zo dat hij gaat sjokken, rennen, springen of galopperen, maar een mooie natuurlijke tred is de bedoeling. Dit moet u thuis oefenen. De keurmeester wil de hond van alle kanten zien lopen, van de zij-, voor- en achterkant. Daarom vraagt hij u bijvoorbeeld om niet alleen in een rechte lijn, maar ook om een driehoek te lopen. Zorg ervoor dat u niet tussen de keurmeester en de hond in loopt.
Als de hond en baas dit onder controle hebben, kan er verder worden gegaan met het toeleven naar een show; let wel het is een samenwerking tussen baas en hond. Als de baas nerveus is of tijdens de show met andere zaken druk is, zal de hond dit aanvoelen en juist dat doen wat u niet wilt.
Wat is handling?
Handling is het voorbrengen van een hond op tentoonstellingen en/of clubmatches, m.a.w. dit is een chique woord voor het showen van een hond. Een handler is diegene, die dit doet. Eén van de belangrijkste eigenschappen van een goede handler is, dat hij zich bijna onzichtbaar maakt naast zijn hond (o.a. door gepaste kleding). Het is de taak van de handler om zo onopvallend mogelijk invloed op de hond te hebben, zodat deze zich zo goed mogelijk toont. Er bestaat ook juniorhandling.
Wat is een show?
Er worden gedurende het gehele jaar in Nederland en ook daarbuiten rashondententoonstellingen georganiseerd. Hieraan mogen alleen maar honden meedoen, die een stamboom (een door de Raad van Beheer of een buitenlandse, erkende instantie afgegeven bewijs over de afstamming van de hond) hebben.
Een show is een keuring van honden. De allereerste werd gehouden in 1847 in België. De eerste tentoonstelling in Engeland was in 1859, in Frankrijk in 1863 en in Nederland in 1872. Een tentoonstelling wordt binnen (in een manege of hal) of buiten georganiseerd. Op zo'n dag wordt de betreffende locatie overspoeld door vele viervoeters met hun baasjes. Beiden hebben slechts 1 doel voor ogen: zich van hun mooiste kant laten zien en hopelijk de titel 'Beste hond in show' (BIS) in de wacht te slepen.
Een clubmatch is een door een regionale vereniging of een rasvereniging georganiseerde expositie die ten doel of mede ten doel heeft, de ingeschreven honden naar hun onderlinge waarde te beoordelen. Een clubmatch is kleiner van opzet dan een show of tentoonstelling. Het gevolg is dat het gemoedelijker is en bovendien betaalt u minder inschrijfgeld. Wel is dan altijd een lidmaatschap verplicht. Wanneer u of uw hond beginners zijn, kunt u het beste op een clubmatch beginnen en zo ervaring opdoen.
Vanaf 'n uur of 8 's morgens is het er al een drukte van jewelste; dan mogen de exposanten met hun honden naar binnen. De deelnemers komen bij grotere shows vaak ook uit andere landen. Om het voor de exposanten zo interessant mogelijk te maken, worden er vaak internationale keurmeesters uitgenodigd om de honden te keuren.
Vooraf
U kunt u inschrijven via een inschrijvingsformulier, dat u per post naar het secretariaat verstuurt. Tegenwoordig kunt u zich soms ook online inschrijven. Voorkom fouten door de stamboom te raadplegen of vraag de fokker van uw hond naar de gegevens. Sommige vragen hoeft u niet in te vullen, omdat ze bij het ras wat u heeft niet van belang zijn, zoals bijv. variëteit en kleur. Op het moment dat u zich inschrijft, verplicht u zich aan de reglementen te houden en dient u het inschrijfgeld te voldoen. Soms ontvangt u een bevestiging met inschrijf-/kwalificatiekaart en/of een toegangsbewijs, die u naar de show moet meenemen. Maar dat is niet altijd het geval: op het inschrijfformulier kunt u het nalezen.
De dagen voorafgaand aan de show
U heeft uw hond thuis natuurlijk piekfijn verzorgd. Zijn vacht is schoon en is goed geborsteld. Het wordt niet altijd op prijs gesteld, als u uw hond van tevoren in bad doet (ligt een beetje aan het ras). Zijn gebit, oren, ogen en anus zijn schoon. Eventueel is uw hond op tijd getrimd.
Denk er alvast aan welke kleding u aandoet. Dat uw kleding er schoon uit moet zien, is logisch. Dat u op shows niet in een trainings- of joggingpak moet verschijnen, zult u begrijpen. Uw kleding dient aangepast te zijn aan de kleur(en) van uw hond. Stel u heeft een witte hond, dan trekt u geen witte, maar wel donkere kleding aan. Denk eraan, dat uw benen het decor van de hond vormen, wanneer hij naast of voor uw benen staat. U moet makkelijk draagbare schoenen aandoen; geen gympen, rubberlaarzen of pumps met hoge hakken. Bedenk dat u er de hele dag op moet lopen. Wel is het zo, dat showen in een manege anders is dan bijv. het showen in een zaal met een gladde vloer.
De dag is aangebroken
Dan komt de dag van de show. Wat u meeneemt is niet alleen een goed humeur en uw hond, maar ook een showlijn (of een soepele dunne lijn met dunne halsband) waar u uw hond in de ring mee gaat showen. Vergeet niet genoeg lekkers voor de hond in uw zakken te doen. Ook moet u niet vergeten: entreebewijs en/of kwalificatiekaart (als u die van tevoren al ontvangen heeft), entingsbewijs, veiligheidsspeldje of showclip om het nummer te bevestigen, pin/haak waar u uw hond aan vast kunt leggen, water met drinkbak voor de hond, dekentje, borstel en/of kam, keukenrol, handdoek, een stoel voor uzelf, eten en drinken voor uzelf, en geld. En eventueel een bench en fotocamera. Op Nederlandse shows hoeft u het inentingsboekje meestal niet te laten zien, maar in het buitenland wordt er wel naar gevraagd; denk dan wel aan een rabiësenting. Laat nooit in goed vertrouwen iets van waarde onbeheerd achter. Stop geld, belangrijke papieren en autosleutels goed weg. U mag geen piepertje of balletje meenemen. Als iemand naast de ring de aandacht van uw hond probeert te vangen om hem zodoende 'mooi te laten staan', kunt u gediskwalificeerd worden (double handling).
Laat
uw hond thuis goed uit. Na een korte of lange reis komt u aan: zoek de
ingang voor de honden en ga daarheen. Meegereisde andere mensen moeten
vaak via
een andere ingang naar binnen om een kaartje te kopen. Op een show zijn er altijd speciale hondenuitlaatplaatsen, hoewel deze niet groot zijn.
Hoe gaat het er aan toe op een tentoonstelling?
Zoals reeds aangehaald, mogen de exposanten vanaf 'n uur of 8 (is verschillend) komen. Voor u echter naar binnen mocht, diende u eerst de dierenarts te passeren, maar dit is per 1-1-'06 afgeschaft (zie veterinaire keuring). De dierenarts controleerde de algemene gezondheid van de hond, zijn ogen en oren, controleerde of de reu twee testikels had en soms of de nodige inentingen in orde waren. De hond mag niet gecoupeerd zijn aan staart en/of oren. Honden met geamputeerde staarten mogen onder bepaalde voorwaarden wel deelnemen, maar klik hier voor meer info. Ondanks de afschaffing van de veterinaire keuring, kan het nog altijd zijn, dat er iets niet in orde is, waardoor u niet wordt toegelaten en er ook geen restitutie van het inschrijfgeld plaatsvindt. Vanaf 27-6-'05 mogen loopse teven toegelaten worden op exposities (dus tentoonstellingen, kampioenschapclubmatches en clubmatches). Dat was voorheen niet zo, maar vanaf 27 juni '05 dus wel. Na binnenkomst gaat u naar het secretariaat om een envelop met een boekje (catalogus) en het nummer te ontvangen. In het boekje ziet u in welke ring uw hond (ras) gekeurd wordt. U gaat bij deze ring zitten, zodat u middels het boekje ziet, wanneer u aan de beurt bent. Bij sommige tentoonstellingen kunt of moet u uw hond in een bench plaatsen; dit om de hond tijdens het wachten wat rust te gunnen.
Het volgende agendapunt is het klaarmaken van de hond. Dit is per ras verschillend. Er zijn mensen die alleen maar de laatste haartjes gladstrijken (borstelen), maar ook mensen die hier en daar nog wat bijknippen, nog wat föhnen, poederen etc. Bij een bezoekje aan een tentoonstelling zult u deze bedrijvigheden zeker aantreffen.
De eigenlijke keuringen beginnen
meestal om 10 uur. We kennen de volgende klassen (die op clubmatches en tentoonstellingen verschillend kunnen zijn): open klasse, jonge honden klasse, jeugdklasse, babyklasse, puppyklasse, seniorenklasse, veteranenklasse, gebruikshondenklasse, fokkersklasse, kampioensklasse, koppelklasse en groepsklasse.
Als u aan de beurt bent, wordt u door de ringmeester samen met de anderen die in dezelfde klasse uitkomen de ring in geroepen. U geeft het kaartje af; daar komt het uiteindelijke resultaat op te staan, dat u later op de dag mee naar huis krijgt. Let erop, dat u in de ring op volgorde (qua nummer) gaat staan en dat u de ruimte hebt om uw hond mooi neer te zetten. Dan wordt er gezamenlijk een rondje gelopen (in draf). Zorg dat u in een lekker tempo loopt en afstand houdt. Daarna zet u uw hond in stand, zodat de keurmeester al even een beetje de honden kan vergelijken. Daarna worden één voor één de honden naar voren geroepen.
Het grote moment is daar: u bent aan de beurt. U gaat naar de keurmeester toe. Hij vraagt meestal hoe oud de hond is. Dan betast hij de hond en bekijkt het gebit. Als u een kleine hond heeft, gebeurt dit op een tafel. Daarna vraagt hij u een rechte lijn en/of een driehoek te lopen. Neem hiervoor de tijd, wees niet gehaast, zodat uw hond dit in draf doet en niet bijvoorbeeld gaat springen. Dan gaat de keurmeester aan de tafel zitten. U moet uw hond in showstand zetten (en dat is per ras verschillend, dus vraag het na bij de hondenclub of bij de fokker), zó dat de keurmeester de hond goed kan beoordelen, m.a.w. zorg ervoor dat u niet in zijn blikveld staat. Hij beschrijft de hond en de schrijver noteert op het keurverslag wat de keurmeester zegt. Dit kan even duren. Blijf met uw hond contact houden, praat tegen hem, houd hem mooi staand m.b.v. een koekje bijvoorbeeld. Staat de hond niet meer goed, zet hem dan opnieuw goed neer. Als de keurmeester klaar is, geeft de ringmeester u een seintje dat het voorbij is en u achter in de rij mag plaatsnemen of de ring kunt verlaten. Dan komt de volgende en alles begint weer zoals het bij u ging. Als iedereen van de betreffende klasse is geweest volgt de uitslag. Het ligt eraan wat de keurmeester wil. Als alle honden in de ring moesten blijven staan, worden de nummers afgeroepen, die de ring kunnen verlaten en de andere mogen blijven staan. Maar het kan ook zijn, dat alle honden uit de ring waren: dan worden de honden teruggeroepen, die 'Uitmuntend' hadden. De keurmeester kiest in deze klasse de beste 3 of 4 honden uit, en deze mogen zich nog een keer van hun beste kant laten zien. De ringmeester zet alvast bordje 1 t/m 4 neer. Dan plaatst de keurmeester deze 4 honden: eerst nummer 4, en die gaat dan achter bordje 4 staan, dan nummer 3 etc. tot de nummer 1 bekend is. Behoort u tot de 4 besten, feliciteer dan diegenen die boven u geëindigd zijn.
Per
ras worden in elke klas de reuen en
de teven apart beoordeeld. Dat betekent dat er in iedere klas een winnende reu en teef is. Dat de keuring niet zomaar willekeurig gebeurt, spreekt voor zich. Voor elk erkend ras zijn er FCI-standaards opgesteld waaraan het ras moet voldoen. Het is volgens deze standaards, dat de honden door de keurmeesters beoordeeld worden.
Elke hond krijgt een keuringsrapport met daarop niet alleen een beschrijving van wat de keurmeester van hem vond, maar ook een kwalificatie. Een kwalificatie is een waardering van een hond op de tentoonstelling met U (uitmuntend), ZG (zeer goed), G (goed) of M (matig). Een pup kan VB (veelbelovend), B (belovend) of WB (weinig belovend) krijgen. Bent u bij de beste 4 geëindigd, dan staat er nog een nummer voor, bijv. 2U. De beste hond van een bepaald ras kan bij sommige shows een titel (bijv. CAC of CACIB) winnen, mits hij de kwalificatie "uitmuntend" gekregen heeft. Wint de hond meerdere van deze titels in Nederland en in het buitenland, kan hij Nederlands kampioen of zelfs internationaal kampioen worden.
De beste honden van elk ras (alle BOB's) komen vervolgens nog eens tegen elkaar uit in de 'erering'. Dit gebeurt per rasgroep en de FCI kent 10 rasgroepen. Dat is meestal pas rond 14 à 15 uur. Van al deze honden wordt de beste hond per rasgroep (BIG) gekozen. Daarna komen de 10 potentiële kampioenen tegen elkaar uit en dat levert de beste - lees mooiste - hond de titel 'Best in Show' (BIS) op.
Hoe gaat 't keuren van honden in zijn werk
Het
B
Keu
V
D
Kind-Hond show en Junior handling
Op een clubmatch of show is er vaak een Kind-Hond show en/of Juniorhandling, ingedeeld qua leeftijd (5 t/m 17 jaar). Dit houdt in, dat de keurmeester let op de relatie van het kind met de hond en hoe een kind zijn/haar hond showt. Er wordt niet zozeer gelet op hoe goed de hond is; dat is al eerder bij de individuele keuring gebeurd.
Verdere info
Het lijkt allemaal erg ingewikkeld en moeilijk, maar uit eigen ervaring weet ik, dat het wel meevalt. Het is wel leuk en gezellig. De meeste mensen zijn de eerste keer heel erg zenuwachtig, maar het gaat eigenlijk vanzelf. Vooral op clubmatches wordt u precies verteld wat u moet doen en in welke richting u lopen moet. Wilt u nog extra info, dan kunt u me altijd mailen. Voor data van clubmatches en shows in binnen- of buitenland: klik hier.
Naast al het hondse, is er op een show ook een commercieel aspect. U kunt verscheidene standhouders aantreffen, die u zullen laten zien wat u zoal kunt kopen qua eten, verzorgingsproducten, lijnen, kleding, beeldjes, stickers etc. Alles voor uw viervoeter. Het is leuk om langs de kraampjes te lopen. Ook kunt u andere rassen bewonderen, met andere exposanten praten, misschien is uw fokker wel aanwezig. Zo'n dag is zo voorbij.
Ook mensen van buitenaf kunnen op zo'n dag komen kijken. Er is wel een entreeprijs. Zeker als mensen van plan zijn een hond aan te schaffen, kan men zich op een show of clubmatch goed oriënteren welke rassen er allemaal zijn. Men kan met mensen praten en zo kijken of een bepaald ras geschikt voor ze is, of het wel bij hun gezinssituatie past. Dus misschien wordt u wel gevraagd om over de positieve en negatieve kanten (ja, die zijn er ook) van uw ras te vertellen.
Met het bewijs van inschrijving kunt u vaak pas vanaf 13.30 uur het keurverslag ophalen. Hierin staan misschien woorden, uitdrukkingen en/of afkortingen, die u niet kent. De betekenissen ervan worden uitgelegd in de alfabetische kynologische woordenlijst. U mag de show pas verlaten als de erekeuringen beginnen. Na een dag vol spanning kunt u, al dan niet tevreden met het behaalde resultaat, weer huiswaarts keren.
Bedenk één ding voor u gaat showen. Uw hond is sowieso een toppertje, ook al wint hij niet! U vindt uw hond de geweldigste, de mooiste en de liefste hond van de hele wereld. En dat verandert niet als u naar een show gaat. Dus maak u niet druk over de beoordeling van de keurmeester. U gaat samen na een gezellige en leerzame dag rijker naar huis.
Rasloze hondendag
Op rasloze hondendagen kunnen honden geshowd worden, die geen stamboom hebben (stamboomloze hond, d.w.z. hond moet 2 honden van hetzelfde ras als ouders hebben) en niet-rashonden (hond heeft 2 of meer rassen als (voor)ouders, m.a.w. een kruising). Maar ook rashonden met een fout, bijv. een niet erkende kleur, cryptorchide of monorchide reuen, gecastreerd of gecoupeerd mogen meedoen. Dit is bedoeld voor iedereen, die het leuk vindt om een keuringsrapport van zijn of haar hond te hebben. In 2007 t/m 2009 werd en wordt het gehouden op: 01-09-'07 Wouwse Plantage 06-09-'08 Wouwse Plantage 14-09-'08 Heerhugowaard 05-10-'08 Apeldoorn 27-06-'09 Emmeloord 04-10-'09 Apeldoorn |
|
Rasstandaard van de mens, gezien door de ogen van de hond
Met verende tred of platvoeten. Dit doet er
niet toe, want het is normaal bij dit ras.
Door enkele van het ras wordt een bril
gedragen: een flinke lik over het glas wordt gewaardeerd; men zal zien
dat de bril daarna extra schoon wordt gewreven. Ook heb je van die vervelende exemplaren, die over hun honden blijven praten, terwijl jouw baas over jou wil praten. |
© Copyright by Yvonne Soomers-Marell