Wetenswaardigheden 1
|
Over teken & de ziekte van Lyme (zie ook ons theorieboek en onze pagina 'links')
Teken Teken zijn bruin-zwarte insecten, die tussen de 1 en 10 mm. groot worden. Teken zijn parasieten: zij bijten zich vast in de huid van mens en dier om zich vol te zuigen met bloed. Ieder jaar worden in Nederland ruim 30.000 mensen door een teek gebeten. Vroeger huisden ze van maart tot november in struiken en hoog gras, op zoek naar passerende mensen of dieren. Tegenwoordig vormen teken het hele jaar door een bedreiging voor honden. Hierdoor kunnen zij ernstige en soms zelfs fatale ziekten krijgen. Wat vroeger dus een kort tekenseizoen was, betekent nu een jaar lang last van verschillende soorten teken. Belangrijk voor hondenbezitters die vaak met hun viervoeter gaan wandelen in bossen en andere natuurgebieden, is het controleren op teken na iedere wandeling. De beste voorzorg is zorgen voor goede preventie. Tekenmiddelen die tweeledig werken, zijn dan de beste. Bijv. een spot on anti-tekenmiddel met amitraz zorgt ervoor dat een teek niet hecht en als er al een teek zit, dat deze sterft en dus geen kwaad kan doen.
Meerdere soorten teken Er zijn vele soorten teken, waarvan er in de Benelux slechts een aantal belangrijk zijn. Ze behoren tot de zogenaamde harde teken (lxodae), die een rugschildje bezitten. De gewone algemeen voorkomende teek is de lxodes ricinus. 'n Paar jaar geleden schreef ik, dat soorten uit Zuid-Europa zoals de Rhipicephalus sanguineus met een vakantiebezoek aan deze landen konden worden meegenomen en zich daarna in ons klimaat alleen binnenshuis of in kennels konden handhaven. Inmiddels worden ze ook in toenemende mate aangetroffen op honden die nooit in het buitenland zijn geweest, m.a.w. de Rhipicephalus-teken vinden we nu ook in ons kikkerlandje. Deze teken brengen ehrlichiose over, een serieuze ziekte die te herkennen is aan bloedingen, koorts, gewichtsverlies en apathie. Een andere teek die wel eens meegenomen wordt uit Zuid-Europa, de Dermacentor reticulatus, komt ook van nature in Zuid-België voor. Inmiddels is ook de Dermacentor reticulatus zo vaak door verschillende honden uit het buitenland meegenomen, dat deze teek zich permanent in Nederland heeft gevestigd. Deze teek draagt babesiose over, een ziekte die te herkennen is aan koorts, bloedarmoede, donkere urine en nierfalen. Zonder behandeling is babesiose fataal voor de hond.
Teken zijn parasieten, die zich uitsluitend kunnen voeden met uw bloed of dat van uw huisdier. Ze vervellen een aantal malen voordat ze volwassen worden. Voor iedere vervelling hebben zij een bloedmaaltijd nodig.
Levenswijze Teken en hun onvolwassen stadia (larven en nimfen; zie de tekeningen in ons theorieboek) hechten zich op bladeren en gewas en wachten tot hun gastheer passeert. Op dat moment laten ze zich op de gastheer vallen en grijpen zich met hun klauwtjes (kleine weerhaakjes) vast. Teken kunnen diverse gastheren gebruiken, waaronder honden, katten, paarden, runderen en knaagdieren. Ook de mens kan als gastheer dienen. De teek zuigt zich vast met een speciale zuigsnuit kort nadat hij zich op zijn gastheer heeft laten vallen. De voorkeursplaatsen voor de aanhechting van de teek bij hond en kat zijn de kop, de voorborst en de flanken. Het zich in de huid vastzetten van de teek geeft vaak jeuk en irritatie. Zelfs na het loslaten van de teek kan er zich gedurende enige tijd een verdikking en ontsteking van de huid voordoen.
Door teken overgebrachte ziekten Wereldwijd zijn teken verantwoordelijk voor het overbrengen van vele ziekten ("tekenziekten"). In Nederland is de belangrijkste ziekte, die door teken wordt overgebracht, de ziekte van Lyme (Lyme disease). Deze wordt veroorzaakt door de bacterie Borrelia burgdorferi. Door een tekenbeet kan deze bacterie in het lichaam van mens en dier terechtkomen. De meeste mensen en dieren die besmet zijn, worden niet ziek, maar in sommige gevallen veroorzaakt de bacterie de ziekte van Lyme. Deze ziekte is voornamelijk gevaarlijk voor de mens.
In landen rond de Middellandse Zee en in de tropen en subtropen zijn ook andere ziekten van belang, welke met name ook een risico voor de hond betekenen, zoals babesiose, ehrlichiose, tularemie en rickettsiose. Overdracht van deze ziekten vindt doorgaans pas 48 uur na het aanhechten plaats.
Babesiosis of babesiose (=piroplasmosis) wordt veroorzaakt door een eencellige parasiet (Babesia canis), die overgebracht wordt door teken en zich in de rode bloedcellen nestelt. Hierdoor veranderen de rode bloedcellen zodanig, dat het lichaam ze niet meer als eigen cellen herkent en ze ‘aanvalt’. De rode bloedcellen worden door het lichaam zelf afgebroken, waardoor bloedarmoede optreedt. De rode bloedkleurstof uit de afgebroken rode bloedcellen kleurt de urine rood tot roodbruin. De belangrijkste symptomen van deze 'hondenmalaria' zijn: matige tot hoge koorts, bloed in de urine, geelzucht, bloedarmoede en vergroting van de milt. Als u bijv. met uw hond naar Frankrijk, Italië of Spanje op vakantie wilt gaan, bedenk dan, dat uw hond tegen deze ziekte geen afweerstoffen heeft opgebouwd. Voorbehoedende enting (Pirodog®) is mogelijk, maar moet bestaan uit een paar vaccinaties om een behoorlijke immuniteit op te bouwen. Daarna volstaat een jaarlijkse herenting. Daarnaast is het aan te raden om een goede tekenband te gebruiken (bijv. Scalibor® of Kiltix®). De laatste tijd rukt deze ziekte steeds meer naar het Noorden op en is het inmiddels ook al in Nederland geconstateerd. Zie voor verdere info onderaan dit artikel.
Ehrlichiosis of Ehrlichiose wordt veroorzaakt door Ehrlichia canis. Dit is een parasiet, die wordt overgebracht door teken en zich in de monocyten (bepaald soort witte bloedcellen) nestelt. De infectie veroorzaakt een ziektebeeld, dat sterk kan variëren. Vaak zien we koorts, algehele malaise, oog- en neusuitvloeiing, benauwdheid en vergrote lymfeklieren, maar soms ook neurologische symptomen, bloedingsneiging en bloedarmoede. Overigens komt er in de noordelijke landen van Europa ook een Ehrlichia parasiet voor, die verwant is aan Ehrlichia canis. Deze parasiet veroorzaakt een multipele gewrichtsontsteking en mogelijk koorts. Net als hierboven, raad ik u aan om als u met uw hond naar landen rondom de Middellandse Zee gaat, maar ook naar Australië, het Caribische gebied of Israël, u ook voor deze ziekte een goede tekenband koopt (bijv. Scalibor® of Kiltix®).
Nog andere bekende ziekten zijn jagerskoorts (Tularemie), tekenkoorts (Rickettsiosis) en hersenweefselontstekingen.
Klik hier voor info als u met de hond op vakantie gaat.
Ziekte van Lyme (Borreliosis; Lyme-borreliose; tekenbeetziekte) Old Lyme is een plaatsje in de Amerikaanse staat Connecticut, waar in de zeventiger jaren een mysterieuze uitbraak van arthritis onder kinderen was. Na intensief onderzoek bleek de boosdoener een bacterie (Borrelia burgdorferi), die door teken werd overgedragen. In 1982 werd deze bacterie door Willy Burgdorfer geïsoleerd. Het bleek een spirochaet te zijn. Spirochaeten kennen we maar al te goed: syfilis wordt veroorzaakt door een spirochaet, evenals aandoeningen zoals de ziekte van Weil en melkerskoorts. Spirochaeten hebben het vermogen zich te verspreiden via bloed en lymfe om op deze wijze in het gehele lichaam verschijnselen te veroorzaken. Daarom kunnen symptomen van de ziekte van Lyme in het hele lichaam optreden.
De ziekte van Lyme is een infectieziekte, die bij de mens in drie opeenvolgende stadia verloopt. Elk stadium kan bepaalde klachten geven. Het komt echter ook voor, dat een stadium voorbijgaat zonder dat er zich klachten voordoen. Drie dagen tot drie weken na de tekenbeet kunnen de eerste klachten ontstaan. In dit eerste stadium vormt zich rond de plaats van de beet een rode, ringvormige huiduitslag, die zich geleidelijk uitbreidt. Men kan zich grieperig voelen met verschijnselen als hoofdpijn, koorts en vermoeidheid. In het tweede stadium, enkele weken of maanden na de tekenbeet, kan men last krijgen van uitstralende pijn in arm of been, een scheefstaand gezicht, dubbel zien, neiging tot flauwvallen en hartritmestoornissen. Het moment waarop de ziekte het derde stadium bereikt, kan maanden tot jaren later zijn. Men kan te maken krijgen met pijn aan en zwelling van de (knie-)gewrichten of met ernstige loop- of oriëntatiestoornissen.
Over de klachten die huisdieren door de ziekte van Lyme krijgen, is inmiddels iets meer duidelijkheid. Dierenarts K. E. Hovius promoveerde in oktober 1999 op dit onderwerp. Ook bij de hond is het zeer moeilijk om met zekerheid vast te stellen of de ziekteverschijnselen die optreden, veroorzaakt worden door de Borrelia-bacterie en of het de ziekte van Lyme betreft. De aanwezigheid van antistoffen in het bloed toont immers alleen maar aan, dat de hond ooit afweerstoffen heeft aangemaakt. Uit het onderzoek van de heer Hovius kwam naar voren dat de diagnose 'ziekte van Lyme' gesteld kan worden als aan de volgende voorwaarden duidelijk wordt voldaan: • de hond constant een zeer sterk verhoogde hoeveelheid antistoffen heeft én • de hond ziekteverschijnselen vertoont zoals algemene malaise (hoge temperatuur, sloom, niet eten) samen met bewegingsproblemen (kreupel, opgezette gewrichten, spierpijn) én • andere oorzaken zijn uitgesloten (zoals reuma of een tumor).
Er bestaat ook een mogelijkheid om de hond te laten enten. Deze enting (Eurican Merilym van de firma Merial) is echter zeer kostbaar en geeft geen volledige bescherming. Dus let wel op: geen enkel middel (frontline, tekenband of enting) is 100% afdoende: dagelijks controleren op teken en ze verwijderen blijft steeds noodzakelijk.
De ziekte van Lyme wordt met antibiotica behandeld. Hoe eerder u erbij bent, hoe gemakkelijker en sneller de behandeling en hoe beter het resultaat.
Besmetting De ziekte Lymeborreliose is niet besmettelijk, noch van mens op mens, noch van huisdier op mens. U kunt niet immuun worden voor de ziekte van Lyme: elke nieuwe tekenbeet vormt dus een nieuwe kans op besmetting. In april 2007 presenteerden onderzoekers van Wageningen UR het volgende tussenrapport: "Het percentage teken dat drager is van de Borrelia-bacterie varieert sterk van plaats tot plaats en bedraagt gemiddeld 23,6% met een uitschieter naar 50%. Teken zijn het hele jaar door aangetroffen, vooral in bossen, maar ook opvallend vaak in tuinen. Tuiniers en wandelaars lopen daardoor de meeste tekenbeten op".
Geef de teek geen kans De beste manier om besmetting te voorkomen, is het vermijden van contact met hoog struikgewas en hoog gras. Draag in ieder geval in het voor- en najaar bijvoorbeeld dichte schoenen, een lange broek en stop de broekspijpen in uw sokken. Kinderen kunnen i.v.m. hun geringe lengte, daarbij een shirt met lange mouwen dragen en een pet opzetten. Met deze voorzorgsmaatregelen verkleint u de kans op een tekenbeet. In de zomer lopen we er allemaal 'luchtig' bij. Dan is controle heel belangrijk.
Controleer op teken Controleer bij thuiskomst of er geen teken in uw kleding of op uw huid terecht zijn gekomen. De kleding kunt u het best uitschudden boven een witte ondergrond. De huid kunt u het makkelijkst door een ander laten controleren. Kijk vooral op plekken waar de huid dunner is, zoals in liezen, knieholten, oksels en op de buik. Bij kinderen worden teken vaak op het hoofd en in de hals gevonden. Als u een of meer teken hebt gevonden, noteer dan de datum, waarop u (mogelijk) gebeten bent: dat is belangrijke informatie voor uw huisarts.
Teken verwijderen Wanneer u tijdens of na het natuurbezoek een teek op uw huid of op die van uw hond ontdekt, is het zaak deze zo snel mogelijk te verwijderen. Hoe korter de teek de kans krijgt zich vol te zuigen, hoe kleiner de besmettingskans. Teken kunnen er wel een dag of vijf over doen om verzadigd te raken. Bij verwijdering binnen 24 uur is de kans op besmetting vrijwel uitgesloten.
U verwijdert de teek het best met een (speciaal teken-)pincet. Pak de teek zo dicht mogelijk bij de huid vast en trek de teek er met een draaiende beweging (linksom) uit. (Een teek draait zich rechtsom als een 'schroef' in de huid; door nu linksom te draaien, geeft u steeds een zetje in de 'uitdraai'richting). Probeer te voorkomen, dat u het lijfje van de teek vermorzelt of dat resten in de huid achterblijven. Maak in elk geval de huid rond de tekenbeet na afloop schoon met 70% alcohol of jodiumtinctuur of -zalf. Bij het lostrekken van de teek moet u beslist geen olie of alcohol op de teek druppelen, en ook geen brandende sigaret of een ander middel gebruiken. De teek kan daarvan schrikken en dat maakt de kans op eventuele besmetting groter.
Naar de huisarts U moet de huisarts bezoeken, wanneer er resten van de teek in uw huid zijn achtergebleven of wanneer u bij het verwijderen de teek beschadigd hebt. En natuurlijk gaat u naar de dokter, wanneer u een of meer van de beschreven klachten krijgt of andere klachten hebt, die u niet thuis kunt brengen. Buiten Nederland kunnen teken, zoals hierboven beschreven staat, andere ziekten dan de ziekte van Lyme overbrengen. Raadpleeg uw huisarts wanneer u klachten krijgt, nadat u in het buitenland door een teek gebeten bent.
Bijna verdriedubbeling tekenbeten Het aantal mensen dat jaarlijks in natuurgebieden wordt gebeten door een teek neemt fors toe. Ook het aantal mensen bij wie na de tekenbeet een infectie werd geconstateerd is meer dan verdubbeld. In 1994 kregen huisartsen nog 33.000 patiënten met tekenbeten op consult en daarvan waren 6500 patiënten geïnfecteerd met Lyme. In 2001 kwamen bij de ondervraagde huisartsen 61.000 patiënten met tekenbeten langs, van wie 12.000 met een infectie. In 2005 waren er 17.000 van de 73.000 mensen die zich bij de huisarts meldden, die de ziekte van Lyme kregen. M.a.w. daaruit blijkt dat 1 op de 4 à 5 mensen met een tekenbeet de ziekte van Lyme kreeg. Vooral in het oosten van het land en in Drenthe komt de ziekte veel voor, met in sommige gebieden meer dan 200 zieken per 100.000 inwoners. Ook Gelderland en de Waddeneilanden Vlieland, Terschelling en Ameland kennen relatief veel ziektegevallen.
Geografische verspreiding van erythema migrans (ziekte van Lyme bij de mens) in Nederland in 1994, 2001 en 2005:
Vlooien- en tekenmiddelen Voor meer info over de volgende vlooien- en tekenmiddelen, kunt op erop klikken: advantage, defencare, frontline, indorex, prac-tic, program, kiltix, pulvex, tick-fence, scalibor en stronghold. Er is sinds maart '07 ook een nieuw middel ProMeris Duo in de handel, maar klik hier voor meer info incl. de bijwerkingen die verschillende honden hebben ondervonden! Daarnaast zijn er mensen, die al jaren knoflook gebruiken. Bij het Kruidvat zijn knoflookcapsules redelijk goedkoop. Ik moet u zeggen, dat ik er zelf geen ervaring mee heb, maar mensen die dit gebruiken, zeggen nooit last van vlooien en teken te hebben. En mocht er een teek op de hond komen, dan laat hij het wel om bloed te drinken, omdat hij een hekel heeft aan knoflook. Een richtlijn voor het gebruik van het aantal capsules: een Duitse herder heeft 6 capsules per dag nodig, een Stabij 4 en een Teckel 2 capsules per dag. De hond slikt de capsules meteen door, dus u hoeft niet bang te zijn voor een sterke knoflookgeur.
Meer weten? Wilt u nog meer weten over tekenbeten en de mogelijke gevolgen daarvan, kijk dan eens op de uitgebreide site van Stichting Samenwerkende Artsen- en Adviesorganisaties in de Gezondheidszorg http://www.saag.nl. Daarnaast is er de "week van de teek": op deze website vindt u ook veel info. En als laatste vindt u een toolkit Teken en Lyme op de website van het RIVM.
Wilt u een filmpje van de Ixodes scapularis (een van de tekensoorten) zien, klik dan hier voor een vrouwelijke teek, hier voor een mannelijke teek of een larve.
Nieuws over tekenwerend middel In België bracht bedrijf Jaico uit Opglabbeek voorjaar 2002 een nieuw tekenwerend middel met de merknaam Tix-free op de markt in de vorm van voorverpakte geïmpregneerde doekjes. Voor de Nederlandse markt moet de Commissie Toelating Bestrijdingsmiddelen nog goedkeuring verlenen. Het middel, dat een doorbraak kan worden in de strijd tegen de oprukkende Ziekte van Lyme, beschermt uw huid na insmeren ongeveer vier tot vijf uur tegen teken, lang genoeg voor een flinke boswandeling. Dit tekenmiddel combineert reeds toegelaten stoffen. Net als in de muggenmelk (waarvan Jaico sinds 1987 bekend is) is de stof DEET een belangrijk bestanddeel van Tix-free. Om te zorgen dat DEET ook tegen teken werkt, is een mengsel met andere stoffen ontwikkeld. Daarvoor heeft dit Belgisch bedrijf nauw samengewerkt met het Tropisch Instituut in Antwerpen. Voor Nederland maakt Jaico gebruik van distributeur Imgroma uit Maastricht.
Laatste nieuws: autochtone Babesiose bij de Nederlandse hond? Naar aanleiding van een aantal recente gevallen van mogelijk autochtone Babesiosis bij honden in Nederland werd ik op 7 april '04 geïnformeerd met de volgende tekst afkomstig van Dr. D.J. Houwers (hoofd VMDC), Dr. E. Teske (haematoloog/oncoloog) en Prof. dr. F. Jongejan (tekendeskundige) van de Faculteit der Diergeneeskunde in Utrecht:
Autochtone
Babesiose bij de hond in Nederland?
Dermacentor teken zijn drie-gastherige teken, die zowel in warme als in gematigde streken voorkomen, maar in Europa reikt het verspreidingsgebied tot in Zuid-Engeland, Zuid-België en Midden-Duitsland. Dermacentor teken zijn al wel eerder gevonden op honden van teruggekeerde vakantiegangers en ze zijn vermoedelijk daarmee samenhangend incidenteel aangetroffen op honden die niet in het buitenland waren geweest.
Naast
de vele importgevallen zijn in Nederland tot dusver slechts sporadisch
autochtone gevallen van babesiose beschreven (twee honden in Koog aan de
Zaan en bij drie honden op de Veluwe in de tachtiger jaren). De teken zijn
destijds vermoedelijk door andere honden meegebracht, hier afgevallen, en
ze hebben de infectie waarschijnlijk na vervelling overgedragen zonder
zich hier permanent te vestigen.
Babesia canis ontwikkelt zich uitsluitend in de erythrocyten van de hond. De incubatietijd varieert van één tot twee weken. In het acute stadium worden de volgende verschijnselen waargenomen: apathie, anorexie, hoge koorts, versnelde pols en ademhaling. Er is sprake van haemolytische anaemie, die gepaard kan gaan met haemoglobinurie. In dit stadium zijn de parasieten vaak gemakkelijk aantoonbaar in een bloeduitstrijkje na kleuring met bijv. Giemsa of haemacolor. Zonder behandeling kan icterus, splenomegalie en lymfadenopathie ontstaan en in ernstige gevallen nierfalen en diffuse intravasale stolling. In de acute fase kan de diagnose worden gesteld aan de hand van een bloeduitstrijkje (capillair bloed/buffy coat), in meer chronische gevallen bieden serologie (IFT) en eventueel RLB-PCR (incl. Ehrlichiae) houvast (alles in EDTA-bloed).
Zonder
behandeling kan een aanzienlijk percentage van de voor het eerst geïnfecteerde
honden aan babesiose sterven; overlevende honden blijven de infectie
dragen.
Stand van zaken rond autochtone Babesiose, geschreven door de Faculteit der Diergeneeskunde d.d. 15-4-'04
Stand van zaken rond autochtone Babesiose, d.d. 24-5-'06
In de eerste week van april 2005 zijn er in Den Haag drie Dermacentor reticulatus teken (in de media "killerteek" genoemd) gevonden op twee honden, waarvan één met een recente buitenlandanamnese (Frankrijk) en verdachte ziekteverschijnselen.
In het bloeduitstrijkje van deze zieke hond
werden Babesia canis parasieten aangetroffen. Tien dagen later werd er een
wederom een Dermacentor teek op deze hond gevonden. Hierdoor was het
aannemelijk geworden dat deze infectie in Den Haag is opgelopen. De
andere hond had geen klachten en was niet in het buitenland geweest. Er zijn echter wel aanwijzingen dat inmiddels ook op andere locaties in Nederland Dermacentor-teken zijn gevonden.
Zoals in mei 2006 in Venlo: een 3-jarige
Karabash overleefde babesia door tijdige diagnose. Verschijnselen die op Babesia canis wijzen, zijn apathie, gebrek aan eetlust, hoge koorts, versnelde hartslag en ademhaling.
De nadruk bij de preventie van babesiose ligt op het gebied van tekenpreventie. Hiertoe zijn verschillende middelen geregistreerd. Het is belangrijk dat u zich realiseert, dat geen van die middelen volledige zekerheid biedt. Honden, die met name op braakliggende terreinen, verruigde graslanden of in natuurgebieden worden uitgelaten, moeten dagelijks op de aanwezigheid van teken worden gecontroleerd (vacht aftasten). Dit laatste was natuurlijk al zinvol met het oog op de inheemse teek, Ixodes ricinus. Op basis van de -nog- beperkte verspreiding van de Babesia canis-overbrengende teek is er geen reden om preventieve enting te adviseren.
Laatste stand van zaken rond autochtone Babesiose, d.d. 1-7-'07
Er zijn al zes locaties ontdekt in Nederland waar de Dermacentor teek in grote aantallen in de begroeiing voorkomt. Dit zijn de Dintelse Gorzen, St. Philipsland, Slikken van de Heen, natuurgebied de Piet aan het Veerse Meer in Zeeland, de Maashorst in Brabant en St. Maartenszee in Noord Holland. Opvallend is, dat deze teken voornamelijk actief zijn tussen september en april, terwijl de 'Nederlandse' teken vooral in de periode tussen april en oktober actief zijn. Het is belangrijk om de hond te controleren op teken na een wandeling in bossen en natuurgebieden. Maar nog beter is het om naar de dierenarts te gaan en een preventief middel te vragen tegen teken. Bijvoorbeeld een anti-tekenmiddel met amitraz. Dat zorgt ervoor, dat een teek niet hecht en als er al een teek zit, deze sterft en geen kwaad kan doen. |
|
Vlooienbestrijding Vlooien zijn kleine parasieten, die zich voeden met bloed. Honden van alle leeftijden kunnen last hebben van vlooien. Vlooien veroorzaken niet alleen jeuk en daardoor huidklachten, maar kunnen ook ziekten overdragen (lintworm). Grote hoeveelheden vlooien op een dier kunnen leiden tot bloedarmoede. Het kan zelfs voorkomen, dat honden allergisch zijn voor het speeksel van de vlo, waardoor ze een ernstige huidaandoening kunnen krijgen. Al met al is het dus uiterst belangrijk vlooien zo goed mogelijk te bestrijden. Dan kan door uw dier preventief te behandelen met één van de onderstaande middelen en dit regelmatig te herhalen. Voorkomen is beter dan genezen!
De vlo Vlooien leggen eieren in kiertjes en spleetjes in huis of daarbuiten. Uit de eieren komen kleine witte larfjes tevoorschijn. Ze maken een beetje wormachtige indruk, maar beschikken in tegenstelling tot wormen over kleine pootjes. De larven voeden zich met dierlijk afval (huidschilfers, speekseldruppels etc.), dat ze in de verblijfplaatsen van dieren vinden (vogelnesten, holen, de hondenmand, de kieren in de huiskamervloer, hondenhok etc.). De larven spinnen zich in een zijdeachtige cocon in. Uit de cocon ontwikkelt zich een nieuwe vlo, die na enkele weken volwassen is. Vervolgens parasiteren de vlooien op hun gastheren door bloed van hen op te zuigen.
Waarom vlooienbestrijding? De beet van een vlo kan bij sommige honden een allergie opwekken. Hun huid raakt zeer sterk geïrriteerd en ze krijgen jeuk, die door heftig bijten, krabben en schuren wordt bestreden, maar waardoor de vacht verder geruïneerd wordt. De haren kunnen langzamerhand uitvallen, waardoor er kale plekken ontstaan. Als vlooien worden opgegeten door de hond, kan de hond besmet worden met de lintworm Dipylidium caninum. De meest voorkomende vlooien zijn Ctenocephalides canis (1,5 à 3,2 mm. met een lange kop en een donkerbruine tot zwarte kleur) en Ctenocephalides cati (1,5 à 3 mm. met een bruinrode kleur en een afgeplatte kop), resp. de honden- en kattenvlo. Het maakt beide vlooien niet uit of ze op honden dan wel katten vertoeven, maar we zien de kattenvlo het meest. De mensenvlo, Pulex irritans, is zeldzaam geworden. Tegen vlooien bouwt de hond geen afweer op. Regelmatige bestrijding tegen vlooien is dan ook een noodzaak.
Wat is een goed vlooienbestrijdingsmiddel? Een goed vlooienbestrijdingsmiddel moet snel en effectief werken, bij voorkeur nog enige tijd na toepassing. Het dient veilig (niet giftig) voor het dier te zijn, maar ook voor de eigenaar en het milieu.
Hoe kunt u vlooien bestrijden? Er zijn vele soorten poeders, sprays, lotions, shampoos, druppels (pipetten), vlooienbanden en pillen te koop. U moet zelf ondervinden, welk product u zelf het prettigst vindt. Ook zijn er tegenwoordig middelen te koop, die uw dier behandelen tegen vlooien én teken. Let wel op, dat sommige combinaties (wormmiddelen/vlobestrijdingsmiddelen) gevaarlijk zijn, dus informeer bij uw dierenarts. Voor meer info over de volgende vlooien- en tekenmiddelen, kunt op erop klikken: advocate, advantage, defencare, frontline, indorex, prac-tic, program, kiltix, pulvex, tick-fence, scalibor en stronghold. Er is sinds maart '07 ook een nieuw middel ProMeris Duo in de handel, maar klik hier voor meer info incl. de bijwerkingen die verschillende honden hebben ondervonden! Daarnaast zijn er mensen, die al jaren knoflook gebruiken. Bij het Kruidvat zijn knoflookcapsules redelijk goedkoop. Ik moet u zeggen, dat ik er zelf geen ervaring mee heb, maar mensen die dit gebruiken, zeggen nooit last van vlooien en teken te hebben. En mocht er een teek op de hond komen, dan laat hij het wel om bloed te drinken, omdat hij een hekel heeft aan knoflook. Een richtlijn voor het gebruik van het aantal capsules: een Duitse herder heeft 6 capsules per dag nodig, een Stabij 4 en een Teckel 2 capsules per dag. De hond slikt de capsules meteen door, dus u hoeft niet bang te zijn voor een sterke knoflookgeur.
Vlooien in huis Het is nog steeds een taboe, wanneer er in een huis vlooien zijn. Toch kan iedereen, hoe schoon ook, geconfronteerd worden met vlooien. Volwassen vlooien kunnen buiten, door hond of kat, worden opgedaan met wandelen en leggen eitjes op het dier. Deze vallen in huis uit de vacht op de grond. Uit de eitjes komen larven; ze zijn lichtschuw en kruipen weg op donkere plaatsen. Binnen een paar weken zijn dit volwassen vlooien. Bij de bestrijding van vlooien in huis is het belangrijk om de ontwikkelingscyclus van de vlo te doorbreken. Als u een omgevingsspray koopt, let er dan op dat er een I.G.R. (Insect Groei Regulator) inzit. Indien dit niet het geval is, bestrijdt u alleen de volwassen vlooien en wordt de cyclus niet doorbroken. De vlooienbestrijdingstrategie is dan dweilen met de kraan open! Als u vlooien in huis ontdekt, moet u alle plaatsen waar uw hond geweest is behandelen. Dus niet alleen de ruimte waar hij leeft en slaapt, maar bijv. ook de auto, als hij wel eens meegaat. Omdat vlooien gemakkelijk op andere huisdieren kunnen overgaan, moet u alle dieren in huis tegelijk behandelen.
Het is raadzaam uw hond preventief te behandelen. VOORKOMEN IS BETER DAN GENEZEN!!! |

© Copyright by Yvonne Soomers-Marell